Bron: Payroll/ November 2008
Als mede oprichter van Human Capital Scan kan ik u
verzekeren dat er in de berekening van de gedifferentieerde premies WAO en WGA
al jarenlang fouten zitten, fouten die op het eerste gezicht zelfs voor ingewijden
moeilijk zijn te herkennen. Dit wordt allereerst ingegeven door het feit dat u
een berekening ontvangt van de fiscus, die wordt gemaakt op basis van
informatie die UWV aanlevert aan de fiscus. UWV op haar beurt heeft deze
gegevens weer verkregen uit de verschillende automatiseringssystemen van haar
rechtsvoorgangers: GAK, Cadans, SFB, GUO en USZO.
Doordat de gegevens telkens worden samengevoegd en de diverse systemen van de uitvoerende organisaties niet exact op elkaar kunnen worden afgestemd, was en is de kans op fouten natuurlijk levensgroot [1]. Dat is echter niet het enige fenomeen.
In 1997 werd de Pemba-wetgeving aangenomen en in 2005 de WIA. Deze wetten bepalen, dat er premiedifferentiatie moet plaatsvinden op basis van gegevens uit het verleden. Voor Pemba gold, dat die gegevens met terugwerkende kracht vanaf 1993 moesten worden gebruikt; voor de WIA worden de gegevens gebruikt vanaf 2000. Wanneer we ons even beperken tot de WIA, kunt u zich ongetwijfeld voorstellen dat de gegevens vanaf 2000 onmogelijk kunnen worden gereconstrueerd naar de maatstaven, zoals die vanaf 2005 voor deze wet gelden. UWV heeft tot 2005 niet kunnen weten welke informatie nodig is om de premiedifferentiatie WGA goed te kunnen uitvoeren. Het is dus ook verklaarbaar dat het onmogelijk is en was om de premie altijd correct vast te stellen.
De hoogte van de gedifferentieerde premie wordt voornamelijk bepaald door de uitgekeerde WAO- en WGA-bedragen. Die gegevens moeten worden verkregen van de uitkeringsafdeling arbeidsgeschiktheid van de diverse UWV-onderdelen. De medewerkers op de uitkeringsafdeling hebben jarenlang geen enkel besef gehad van de relatie tussen de uitkering en de gevolgen van hun handelen op de premieberekening. Het kwam daarom regelmatig voor dat het muteren van een eerste ziektedag of eerste WAO-dag door de uitkeringsafdelingen onbewust plaatsvond om gegevens in het systeem te verwerken. Ook het juist vastleggen van het aansluitnummer van de werkgever was in het verleden van ondergeschikt belang.
Regelmatig heb ik geconstateerd, dat een WAO- of WGA- uitkering aan een werkgever werd toegerekend, terwijl de eerste ziektedag buiten het dienstverband met die werkgever lag. Een voorbeeld: Wanneer een medewerker met ontslag gaat en hij meldt zich enkele dagen later ziek bij UWV, dan is nog niet bekend of de werknemer recht heeft op een WW uitkering. De UWV-medewerker ziekengeld kan dan onmogelijk in het ziekenbestand aangeven dat de werknemer als WW-er moet worden aangemerkt. Om de gegevens toch in het systeem kwijt te kunnen zal men dus altijd het laatst bekende aansluitnummer van de laatste werkgever gebruiken. En daar is dan een bron voor een van de vele mogelijke fouten aangeboord. Bij toekenning van de WAO- of WGA-uitkering worden de gegevens gekopieerd uit het ziekenbestand en de ex-werkgever wordt pas enkele jaren later geconfronteerd met de consequenties van deze fout.
Meestal is het dan te laat om nog iets te doen. Ook bij grotere ondernemingen met een eigen salarisadministratie worden dergelijke onjuistheden vrijwel niet ontdekt binnen de eigen organisatie. Op zich is dat ook logisch. Een salarisadministratie dient veel regelgeving te beheren en beheersen, maar zulke specifieke kennis van de sociale wetgeving is wellicht net een stap te ver. De kwaliteitsborging binnen een organisatie bevreemdt mij echter wel. Als er namelijk een fiscaal probleem is, laat men zich vrijwel altijd informeren door een fiscalist, maar op het gebied van sociale zekerheid wordt zelden een specialist geraadpleegd.
Een ander voorbeeld dat wij nog met enige regelmaat tegenkomen is, dat ondernemingen in de verkeerde sector zijn ingedeeld. Ook dat staat op de WGA-beschikking van de fiscus en daartegen kan in een aantal gevallen succesvol bezwaar worden gemaakt. Er zijn bijna 70 verschillende sectoren waarin een onderneming kan worden ingedeeld. De premievariatie tussen die verschillende sectoren in 2008 ligt tussen 0,34 en 9,28 procent. Het loont dus om dit goed te (laten) beoordelen.
Human Capital Scan heeft het afgelopen jaar, op basis van “no cure, no pay” voor ruim 300 ondernemingen onderzoek gedaan naar de sectorindeling en de WGA premie 2008. Wij komen tot de conclusie dat in bijna 15 % van de gevallen de premieberekening onjuist is/was. Uitgaande van de grootte van de onderzochte ondernemingen kwamen wij, in de gevallen dat de premie moest worden aangepast, tot een correctie van ongeveer € 15.000 per 100 medewerkers. Bovendien blijkt dat in veel gevallen waarin 2008 wordt gecorrigeerd, de voorgaande jaren ook kunnen worden gecorrigeerd. Het lijkt er op dat de opbrengst over de jaren vóór 2008 bij het merendeel van de onderzochte ondernemingen hoger uitvalt dan het resultaat over 2008. Dat wordt voornamelijk veroorzaakt door het feit, dat die correctie over meerdere jaren gaat en bovendien over zowel de gedifferentieerde premie WAO als WGA.
Al met al kom ik tot de conclusie dat het voor iedere onderneming van belang is te beseffen, dat de controle op sectorindeling en de premie WGA tot flinke besparingen kan leiden.
Theo van Dillen,
www.wgapremiecheck.nl
[1]Niet voor niets moet UWV een desinvestering boeken voor een nieuw automatiseringssysteem ten bedrage van meer dan € 80 miljoen.