De meeste werkgevers hanteren een arbeidsvoorwaardenpakket dat uniform is voor alle werknemers. Alle werknemers – boven de toetredingsleeftijd- nemen dan deel in de pensioenregeling. Maar een enkele keer wil een werknemer geen pensioen. Wat dan?
Aanbod en aanvaarding
De werkgever is, sinds de Pensioenwet, verplicht om een nieuwe werknemer binnen een maand te laten weten of hij een pensioenaanbod zal doen. De werknemer kan dan beslissen of hij dat aanbod accepteert of afslaat. Als de werknemer het aanbod accepteert dan komt een pensioenovereenkomst tot stand.
Waarom afwijzen?
Er zijn vanuit de werknemer gezien maar zelden echt valide argumenten om zo’n pensioenaanbod af te slaan:
Wel een goed argument hebben gemoedsbezwaarden tegen iedere vorm van verzekeren. Maar voor hen zal de werkgever wellicht een spaarvoorziening (moeten) treffen.
Belang van de pensioenuitvoerder
Werknemers ontlenen hun pensioenrechten aan een pensioenreglement. Sinds de Pensioenwet is dan een document van de pensioenuitvoerder, niet van de werkgever. Een verzekeraar loopt nu een serieus risico dat hij zou moeten uitkeren als de werknemer voldoet aan de deelnemerseisen van het pensioenreglement, dus ook als die werknemer niet verzekerd is.
Daarom willen sommige verzekeraars in het geheel niet meer meewerken aan ‘afstandsverklaringen’.
Kans op discriminatie
Een pensioenuitvoerder loopt ook risico’s om aangesproken te worden op verboden discriminatie als blijkt dat de werknemers die geweigerd hebben om deel te nemen, zich onderscheiden van de gehele groep deelnemers op punten als geslacht, tijdelijk dienstverband, leeftijd of een andere discriminatiegrond.