Weten waar je aan toe bent
21 mei 2012
Geef waardering


Tags
  • Wetgeving
  • Inkomen
  • Overeenkomsten
  • Arbeidsvoorwaarden
  • Pensioen
  • pensioenvoorlichting
0stars

Levensloop(regeling)

Mark Zoon

De levensloopregeling (of: levensloop) is een fiscale regeling die vanaf 1 januari 2006 bestaat om het sparen voor een vervangend inkomen tijdens een periode van onbetaald verlof voordeliger te maken. Dit onbetaald verlof kan bijvoorbeeld zijn ouderschapsverlof, zorgverlof of een sabbatical leave. Ook een periode van onbetaald verlof voorafgaand aan het pensioen is mogelijk. "Onbetaald" wil zeggen dat geen salaris uitbetaald wordt, in de plaats daarvan ontvangt de werknemer een uitkering uit zijn eigen levenslooptegoed.

Personen die werknemer zijn in de zin van de Wet arbeid en zorg hebben het recht om deel te nemen aan de levensloopregeling. De werkgever is verplicht hieraan mee te werken. De werknemer geeft aan bij welke instelling hij wil sparen voor levensloop en welk gedeelte van zijn inkomen de werkgever dient over te maken aan die instelling.


Sparen

Werknemers mogen jaarlijks maximaal 12% van hun jaarsalaris inzetten in de levensloopregeling. Voor werknemers die op 1 januari 2005 minimaal 50 jaar oud waren, maar nog geen 55, geldt een overgangsregeling: zij mogen meer sparen dan 12% per jaar. Voor alle werknemers geldt dat zij niet meer mogen sparen dan maximaal 210% van het jaarsalaris. Het spaartegoed mag dan nog wel groeien door bijvoorbeeld spaarrente of beleggingsrendement. Tussentijds een deel opnemen mag wel, daarna kan de 'levenslooppot' weer worden aangevuld tot 210% van het jaarsalaris.

Opnemen

De levensloopregeling is een spaarregeling, dat wil zeggen dat de werknemer recht heeft om te sparen. Het opnemen van verlof moet in overleg met de werkgever. In een aantal gevallen is er wel een wettelijk recht op onbetaald verlof zoals ouderschapsverlof en zorgverlof.

Als een werknemer verlof opneemt, dan wordt de gewenste uitkering periodiek door de levensloopinstelling overgemaakt aan de werkgever. Deze houdt de verschuldigde loonbelasting in en maakt het geld over naar de werknemer.


Levensloop mislukt?

Veel minder mensen maken gebruik van de levensloopregeling dan de wetgever verwachtte. Werknemers lijken liever te kiezen voor de overzichtelijke spaarloonregeling, die voor kleinere bedragen een hoger fiscaal voordeel oplevert. Bij spaarloon wordt maximaal 613 euro per jaar bruto ingelegd en na vier jaar netto uitbetaald. Bovendien mag een werknemer zelf weten waar hij (na vier jaar) zijn spaarloon aan uitgeeft, terwijl het levenslooptegoed alleen gebruikt mag worden voor verlof.

De levensloopregeling is een 'paradepaardje' van het kabinet Balkenende. Het kabinet wil dat mensen langer doorwerken én op eigen kosten zorg- of studieverlof opnemen. Na constatering dat de levensloopregeling in de huidige vorm mislukt is, pleit de architect van de levensloopregeling, de econoom Lans Bovenberg, in juli 2007 voor aanpassing van de regeling. Het populaire spaarloon zou moeten worden opgenomen in de levensloopregeling, want zegt Bovenberg: "De levensloopregeling wordt nooit populair zolang die blijft concurreren met het spaarloon". Ook moet het mogelijk zijn het gespaarde levensloopsaldo op te nemen in geld na het bereiken van de leeftijd van 65 jaar, als extraatje bovenop het pensioen (overigens is dit onder de huidige regeling reeds mogelijk). Voorts wil Bovenberg dat de spaarpot ook gebruikt mag worden om een periode van werkloosheid te overbruggen of om in te zetten als iemand arbeidsongeschikt wordt. Zo wordt de levensloopregeling ook een spaarpot voor magere tijden.


Uw opmerkingen en aanvullingen bij dit artikel
Wil je een reactie plaatsen? Bevestig dan hier eenmalig je inlog. Inloggen