Praktijkvoorbeeld: een arbeidsongeschikte stratenmaker
Mark Zoon
Een 46 jarige stratenmaker is sinds ruim een jaar arbeidsongeschikt wegens “etalagebenen”; moeheid en pijn in de benen na al een kort eindje lopen. Verzekerde rookt fors sinds zijn jeugd.
Uit medisch onderzoek bleek dat verzekerde forse aderverkalking heeft, waardoor ernstige vaatvernauwingen in zijn hoofdslagader en de afsplitsende slagaderen naar beide benen.
Na eerst looptraining geprobeerd te hebben om de loopafstand te verbeteren werd uiteindelijk besloten tot een forse ingreep; vervanging van de aangedane slagaderen door een zogenoemde aortabroekprothese (kunstvaten). Na een revalidatieperiode van enkele maanden was verzekerde volledig klachtenvrij en kon weer lange afstanden lopen.
Maar hij bleef volledig arbeidsongeschikt voor zijn beroep. De behandelende chirurg adviseerde namelijk dat hij niet meer langdurig diep moest bukken vanuit de heupen of hurken, omdat daardoor de kunstvaten kunnen afknellen en zelfs verstopt raken.
Als stratenmaker kon hij daardoor zijn eigen werk niet meer doen.
Echter verzekerde gaf aan dat hij niet “de rest van zijn leven thuis wilde blijven zitten” en vroeg Nationale-Nederlanden om hulp bij omscholing. Daarbij dacht hij zelf aan een kort leertraject, zodat hij in een ander fysiek beroep snel weer aan de slag zou kunnen gaan.
Verzekerde en verzekeraar hebben hier duidelijk parallelle belangen. Voor de verzekeraar is blijvend volledig uitkeren tot 55 jarige leeftijd duur, maar verzekerde heeft er recht op, omdat hij blijvend volledig beroeps arbeidsongeschikt beschouwd wordt. Verzekerde vindt zich echter nog te jong om niets meer te doen en bovendien ontstaat er op 55 jarige leeftijd een probleem als de verzekering eindigt.
Intern wordt in een multidisciplinair overleg met betrokken schadebehandelaar, specialist inkomen, voorzittend manager, arbeidsdeskundige en geneeskundig adviseur besloten om verzekerde te helpen. De arbeidsdeskundige gaat met verzekerde kijken welk werk hij wil gaan doen en of dat ook mogelijk is gezien zijn beperkingen voor arbeid.
Verzekerde kan hiermee gere-integreerd worden in een ander beroep, waarbij hij ondersteuning blijft houden vanuit zijn arbeidsongeschiktheidsverzekering.