Op 30 augustus 2011 heeft de overheid een aan de dagelijkse praktijk van het langer doorwerken belangrijke tegemoetkoming gedaan, zo blijkt uit de publicatie van het besluit,nr.BLKB201/1231M in de Staatscourant van 7 september 2011.
Door de zeer recente tegemoetkoming verbeteren de mogelijkheden om (gedeeltelijk) vervroegde pensionering in combinatie met (gedeeltelijk) doorwerken flexibel in te vullen.
De tegemoetkoming die de staatssecretaris van Financiën daartoe in het besluit doet is als volgt.
Bij een vervroeging van de reglementaire pensioeningangsdatum tot de 60-jarige of latere leeftijd wordt met ingang van 30 augustus 2011 niet meer door de Belastingdienst getoetst of de (inkomensgenererende) economische activiteiten van een werknemer waarvan de pensioeningangsdatum is vervroegd daarna dienovereenkomstig worden verminderd.
Tot 30 augustus 2011 werd de gehele pensioenaanspraak van een betrokkene nog volledig belast indien in een concrete situatie kwam vast te staan dat de (inkomensgenererende) economische activiteiten van de betrokkene na vervroeging van diens reglementaire pensioendatum niet dienovereenkomstig waren verminderd.
Deze tegemoetkoming is een trendbreuk met het eerder door de
Staatssecretaris van Financiën ingenomen standpunt in het besluit van 23
augustus 2003, nr. CPP2003/530M. En ook met het Vraag en antwoord 08-014 van de
Belastingdienst van 16 februari 2011 dat op eenvoudige wijze is te raadplegen
op www. belastingdienstpensioensite.nl.