Op 19 december
2007 komt bij re-integratiebedrijf Keerpunt een melding binnen van het
langdurig uitvallen van een wand- en plafondmonteur. Deze monteur is op 10
oktober 2007 ziek gemeld wegens rugklachten die terug te voeren lijken te zijn
op de fysiek zware arbeid die hij verricht. De monteur werkt bij een klein bedrijf
uit de afbouwsector, dat zich voornamelijk bezig houdt met het plaatsen van
systeemwanden en plafonds.
Tijdens de
intakes die de casemanager houdt met de werkgever en de werknemer komt naar
voren dat de monteur is uitgevallen met lage rugklachten. Zowel de huisarts als
de Arboarts hebben nog geen duidelijke diagnose kunnen stellen. De monteur is
al zeven jaar tot volle tevredenheid van de werkgever in dienst bij het bedrijf.
Tijdens een intensief gesprek met de monteur krijgt de casemanager het
vermoeden dat de oorzaak van diens rugklachten deels psychisch is. In de
thuissituatie van de monteur spelen een aantal zware problemen waar hij mentaal
veel last van heeft. De monteur vindt het lastig om hier over te praten.
De
casemanager stelt voor om een behandeling te volgen die niet alleen de lichamelijke
klachten aanpakt (o.a. via mensendiecktherapie), maar ook gericht is op het
omgaan met de spanningen thuis. Hiervoor voert de monteur diverse gesprekken
met een psycholoog. De verzekeraar vergoedt een groot deel van deze
behandeling. De monteur gaat het traject volgen bij een multidisciplinair behandelcentrum
dat veel ervaring heeft met soortgelijke gevallen. Hij blijkt erg veel baat te
hebben bij de begeleiding en ervaart deze als zeer prettig. Hij werkt intensief
aan zijn herstel. Ondertussen helpt de casemanager de werkgever met het
opstellen van een plan van aanpak. Op verzoek van de werkgever legt hij hem ook
de rechten en plichten vanuit de Wet Verbetering Poortwachter uit.
Eind augustus
2008 denkt de monteur weer aan voorzichtige werkhervatting. In overleg met de
Arboarts stelt de casemanager een opbouwschema op waarmee hij binnen acht weken
het werk weer volledig en duurzaam gaat hervatten. Aanvankelijk lijkt dit ook
te gaan lukken, maar na een week of zes komt er een terugval doordat de
werknemer tijdens een project in Luxemburg door zijn rug gaat. De casemanager ontdekt
dat dit waarschijnlijk is veroorzaakt door de lastige houding waarin werknemer
zijn werk moet verrichten. Hij voert overleg met de Arboarts en de behandelaar.
Gezamenlijk wordt besloten om gebruik te gaan maken van tilhulpmiddelen en de
Mensendiecktherapie specifieker op zijn werkhouding te richten.
Door deze aanpak lukt het de monteur om de laatste stap naar volledig herstel te zetten. Op 10 november 2008 gaat hij weer volledig aan de slag. De werkgever en werknemer zijn zeer tevreden met de geboden oplossingen en het bewuste meedenken van de casemanager tijdens het herstelproces. In de bouw is men over het algemeen niet snel geneigd om over psychische problemen te spreken. De casemanager heeft dit echter in dit geval bespreekbaar weten te maken, wat positief heeft uitgepakt. De werkgever geeft aan dat hij ook veel heeft geleerd van de casemanager, wat hij weer kan gebruiken bij toekomstige ziektegevallen.