Dit was de titel van het symposium dat georganiseerd werd door Boaborea 31 maart jl. in Corpus te Oegstgeest.
Boaborea is de brancheorganisatie van 165 dienstverleners die actief zijn op het terrein van werk, loopbaan en vitaliteit. Deze dienstverleners bestaan uit arbodiensten, interventiebedrijven, outplacement- en loopbaanadviesbureaus, re-integratiebedrijven en jobcoachorganisaties.
Het symposium werd druk bezocht door leden van Boaborea, maar ook specialisten van verzekeraars, het UWV, het ministerie van SZW, het Verbond van verzekeraar enz. waren aanwezig. Met boeiende en deskundige sprekers was het een geslaagde bijeenkomst. Bent u ook geïnteresseerd en wilt u een impressie?
Het SER rapport geeft aan dat 65% van de werkgevers de werknemers aanspreekt op zijn/haar gedrag. Dat is een mooi resultaat, maar kan natuurlijk nog beter. Bij een landelijk gemiddeld verzuimpercentage van zo’n 4% kunnen we stellen dat 1/3 van de verzuimers 1 klacht heeft, 1/3 van de verzuimers meerdere klachten heeft en 1/3 geen klachten heeft. In het verleden lag de focus voornamelijk op de 2/3 groep met klachten. Inmiddels is wel duidelijk dat gezondheidsmanagement ook noodzakelijk is voor niet-zieken.
Helaas kan geconstateerd worden dat er meer aandacht moet komen voor de onderkant van onze beroepsbevolking. Steeds meer laag geschoolden hebben te maken met serieuze gezondheidsproblemen, worden steeds vaker outsider en komen in situaties waarin de problemen zich op stapelen.
Dit was dan ook de inleiding van waaruit de verschillende sprekers, vanuit de eigen deskundigheid, inzoomden.
Annemiek van Bolhuis, Director General van Volksgezondheid, Ministerie van VWS stond stil bij de definitie “Wat is gezondheid?” In Nederland leven de mensen langer. We zien echter dat er steeds meer chronische zieken zijn. En dit aantal blijft de komende jaren stijgen. Natuurlijk is het belangrijk om chronisch ziek zijn te voorkomen. Echter het is ook belangrijk om de huidige 4,5 miljoen chronisch zieken productief te houden. We kunnen niet zonder hen. Gelukkig is het merendeel actief betrokken bij de arbeidsmarkt. Deze betrokkenheid geeft voldoening, zorgt voor sociale contacten en verhoogt de kwaliteit van leven.
Bernard Wientjes, voorzitter van VNO-NCW, gaf aan trots te zijn op het lage verzuim en de veiligheid in Nederland ten opzichte van andere landen. Duurzaam aan de slag is het motto, en toen kwam de crisis…
In 2009 is onze economie met 4,5% gekrompen. Sinds de 30-er jaren is dat volgens mij niet meer voorgekomen. In september 2008 was de grens van productie in verhouding tot werk bereikt. Interessant om te weten dat 94% van de beroepsbevolking een baan heeft. 5% heeft een WW-uitkering. Dat is veel beter dan in Europa waar het gemiddelde ergens tussen de 10 en 20% ligt.
Nederland verwacht tussen 1 en 3 jaar een gespannen verhouding op de arbeidsmarkt te hebben. Er moet gewerkt worden aan een groter reservoir van arbeid. Maatregelen als langer doorwerken, later met pensioen, en aandacht voor het “deeltijd plus rapport” dat Pia Dijksman deze week presenteerde zijn noodzakelijk. Uit het rapport blijkt dat het belangrijk is voor werkgevers om flexibeler om te gaan met werktijden, thuiswerken te stimuleren en zorg te dragen voor een betere kinderopvang om een culturele verandering mogelijk te maken.
Ons systeem moet flexibeler worden. Ook als we het over een ontslagvergoeding hebben. Deze is gebaseerd op het werken bij de laatste werkgever. Ook wanneer we het hebben over langer doorwerken, betekent dat niet langer werken bij dezelfde werkgever.De O&O fondsen, subsidies voor (om), (her), (bij)scholing, moeten beschikbaar zijn over de bedrijfstakken heen.
Wat betreft de arbowetgeving waren ondernemers mordicus tegen de 2 jaar loondoorbetaling bij ziekte. Uiteindelijk heeft dit goed uitgepakt en zijn we trots op het verzuimpercentage van 4%. Als dan nader gekeken wordt naar de bedrijfstakken dan is het verzuim in de landbouw, bosbouw en visserij erg laag. Terwijl bij het openbaar bestuur een verzuimpercentage van 6% gehaald wordt. In de heroverwegingen zal gestuurd worden op een kleinere overheid, welke ook een oplossing is voor de komende krapte op de arbeidsmarkt.
Als het gaat om gezondheidsmanagement dan heeft de werknemer daar zijn verantwoordelijkheid. Tenslotte is een werknemer slechts zo’n 36 uur van de 168 uur in dienst bij zijn werkgever. Wanneer er in sectoren als bijvoorbeeld in de bouw risico’s voor de gezondheid zijn, dan is het zaak dat met elkaar op te lossen. Binnen 10 jaar is een dergelijk risico van de baan. Dat hebben de afgelopen jaren wel bewezen. Het is in het eigen belang van de werkgever om ervoor te zorgen dat de werknemer gezond is. Het belang van maatschappelijk verantwoord ondernemen staat hoog op ieders agenda.
Agnes Jongerius, voorzitter FNV, zat er iets anders in. Arbodiensten hebben de focus op verzuim. Ondernemers klagen over de hoge kosten van verzuimbegeleiding en arbopakketten. Bedrijfsartsen worden minder ingezet en arbodiensten zien hun omzet dalen. En zo ontstaat nieuwe dienstverlening: Gezondheidsmanagement!
Veel bedrijven, aan de onderkant van de markt, hebben de wettelijke arbo verplichtingen niet goed ingevuld. Werknemers worden vervolgens belast met activiteiten en verantwoordelijkheden vanuit gezondheidsmanagement. De werknemer is verantwoordelijk voor het eigen gedrag buiten het werk. Echter de werkgever is verantwoordelijk voor de spelregels op het werk. Wanneer een Health check een slechte score levert, wordt met een vinger gewezen naar de werknemer. Het is onzinnig om een werknemer waar “niets aan mankeert” een Health check af te laten nemen. Zorg eerst dat er aandacht is voor ziekmakende factoren op de werkplek.
Er zijn legio voorbeelden van goede initiatieven van ondernemers. Voorbeelden hiervan als lunch-wandelen, het aanbieden van fitness, advies over gezonde voeding zijn ons allen bekend. Echter de doelgroep die echt bereikt moet worden, doet niet mee!
De Work Ability Index (WAI) is ook een initiatief dat ondersteund wordt door FNV, echter moet deze niet uitgevoerd worden door partijen die gebonden zijn aan de werkgever. Geef de huisarts een rol, want daarmee wordt uit de buurt gebleven van de dossiers van werkgevers. Een arts gekoppeld aan de werknemer, los van de bedrijfsarts, lijkt hiermee een oplossing.
Na het horen van de sprekers kon samenvattend gesteld worden dat natuurlijk iedere werknemer zijn verantwoordelijkheid heeft ten aanzien van zijn gezondheid. De werkgever dient echter voor een gezonde werkplek zorg te dragen. Er zijn veel ondernemers die dat prima invullen. Ik ben het eens met het feit dat de dienstverlening van de arbodiensten nog steeds primair gericht is op verzuimbegeleiding. Er moet veel meer aandacht zijn voor preventie. Ik ben dan ook erg benieuwd wat de WAI hierin de komende jaren voor ons gaat betekenen.