Uit de zojuist verschenen Monitor Inkomens
Ondernemers van het Economisch Instituut Midden- en Kleinbedrijf (EIM) blijkt
dat één op de acht zelfstandige ondernemers te maken heeft met een laag
inkomen. Daarmee scoren zelfstandigen slechter dan andere groepen in de
Nederlandse economie. Voor heel Nederland ligt het percentage van personen met
een inkomen onder de lage inkomensgrens (2006: ca. 11.000 euro voor
alleenstaanden en) op 9,3%. Met name alleenstaande, allochtone en startende
zelfstandigen behoren tot de meest kwetsbare groepen. Naar sectoren vertaald,
komt een laag inkomen het meest voor in de landbouw, horeca en detailhandel.
Het Financieel Dagblad kopte daaropvolgend al een alarmerend "Zelfstandigen vechten voor bestaan" (FD 25-3-2009). Nu is het wel van belang om de resultaten van de EIM-monitor te nuanceren. Zonder de problemen van zelfstandigen met een laag inkomen te ontkennen, is de groep zelfstandigen die wel in staat is een goed inkomen uit hun onderneming te realiseren vele malen groter. Bovendien zijn ondernemers gewend aan sterk wisselende inkomsten en het inkomen blijkt lang niet altijd de belangrijkste motivatie te zijn voor de keuze voor het zelfstandig ondernemerschap. Dit blijkt onder meer uit het onderzoek van Arjan van den Born dat onlangs op 17 maart is gepubliceerd.
De enkele constatering dat zo'n één op de acht zelfstandigen onder de grens voor lage inkomens zit is wat mij betreft niet het belangrijkste. Veel belangrijker is om te kijken naar de oorzaken van lage inkomens onder zelfstandigen en deze oorzaken zoveel mogelijk weg te nemen. De oorzaak van een laag inkomen kan bijvoorbeeld liggen in het feit dat de zelfstandige opereert op een markt die onvoldoende functioneert waardoor het onmogelijk is om een reële vergoeding te vragen voor de werkzaamheden. Een andere oorzaak kan liggen in de vaardigheden en de keuzes van de ondernemer zelf (het niet goed inspelen op een veranderende markt; te hoge of te lage tarieven; geen of verkeerde investeringen, verkeerde of weinig marketing, etc.). PZO pleit daarom sterk voor verder onderzoek, waar het EIM rapport een goede basis voor biedt. Pas als de oorzaken beter in kaart zijn gebracht kan men immers tot een beter beleid komen om die zelfstandigen extra te bedienen die maar net het hoofd boven water kunnen houden.