In haar weblog stelt PvdA-kamerlid Mei Li Vos dat de markt van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen wel werkt, maar niet voor zelfstandigen met ernstige gezondheidsproblemen. Het is een bekend standpunt van haar. Het leek er lang op dat ze daarom pleitte voor een verplichte wettelijke arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen. Dat is dus niet het geval. Terug gaan naar een soort van verplichte verzekering voor zelfstandigen, zoals de vroegere WAZ, wil zij niet. Dat is een verrassend nieuw signaal. Verheugend ook. Ik hoop dat andere politieke partijen en belangengroeperingen die pleiten voor een verplichte verzekering, nu ook hun standpunt zullen herzien.
Wat wel blijft, is dat Mei Li Vos pleit voor een publieke regeling die het mogelijk maakt dat ook de
ZZP-er die ziek, zwak of misselijk is zich kan verzekeren tegen het risico van arbeidsongeschiktheid. Zij stelt daarom voor de vrijwillige verzekering bij het UWV langer open te stellen voor startende zelfstandigen en ook open te laten staan voor spijtoptanten (zelfstandigen die zich destijds niet verzekerd hebben, maar dat nu alsnog willen). Het voordeel van dit voorstel is dat het vrij eenvoudig kan worden ingevoerd. Er is geen ingewikkelde wetgeving of nieuwe uitkeringsregeling voor nodig. Alleen de termijn voor aanmelding voor de vrijwillige verzekering moet worden verruimd. Dat is een vrij simpele wetswijziging.
Op zich is concurrentie tussen publieke en private verzekeraars ook geen nieuw fenomeen. Bij het eigenrisicodragen voor de WGA hebben we daar ook al mee te maken. In het buitenland komt het soms voor bij verzekeringen voor bedrijfsongevallen en beroepsziekten. Nederland kende het vroeger ook bij de verplichte Ongevallenwet. De vraag is of concurrentie tussen het UWV en de particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekeraars ook een goede oplossing is voor de verzekeringspositie van zzp-ers met ernstige gezondheidsklachten.
De particuliere verzekeraars hebben al een Vangnet AOV ontwikkeld voor zelfstandigen die voor een normale arbeidsongeschiktheidsverzekering werden geweigerd of alleen tegen vrij hoge premies zo’n verzekering konden sluiten. Nog niet zo lang geleden is die Vangnet AOV verder verbeterd. Daarmee is aan de wensen van de politiek en belangengroeperingen tegemoet gekomen. Natuurlijk kennen we de klachten over prijs-kwaliteitverhouding van die Vangnet AOV.
Aan de vrijwillige verzekering bij het UWV hangt echter ook een fors prijskaartje. Voor de vrijwillige verzekering bij het UWV betaalt een zelfstandige met een inkomen van € 30.000,-- per jaar circa € 3.800,-- premie voor een uitkering van € 21.000,-- bij volledige arbeidsongeschiktheid. Bovendien biedt die vrijwillige verzekering alleen dekking voor gangbare arbeid. De meeste zzp-ers willen zich graag verzekeren voor arbeidsongeschiktheid in hun eigen beroep. Zodra ze het zich financieel kunnen permitteren, zullen zij daarom zoeken naar een verzekering die een dergelijke dekking biedt.
Misschien moeten we daarom ook maar niet bang zijn voor concurrentie vanuit het UWV. Het UWV lijkt meer reden te hebben om bang te zijn. Minister Donner vreest dat het langer open stellen van de vrijwillige verzekering bij het UWV zal leiden tot een selectie-effect. Vooral zzp-ers met gezondheidsproblemen zullen zich bij het UWV aanmelden. Dat kan leiden tot een stijging van de premies van ZW en WIA. Die premies worden opgebracht door de werkgevers en ander vrijwillig verzekerden in Nederland. Zij moeten dan solidair zijn met hun minder bedeelde collega’s. Daarmee is de discussie dan belandt op het punt waar het allemaal om draait. Er zijn zzp-ers die vanwege hun leeftijd, gezondheid of het beroep dat ze uitoefenen een extra hoog arbeidsongeschiktheidsrisico hebben. De rekening daarvan moet op een of andere manier betaald worden. De vraag is of Mei Li Vos daarvoor het juiste antwoord heeft gevonden. Ik ben benieuwd hoe de bezoekers van onze website daarover denken.
Directeur Beleidsontwikkeling Inkomensverzekeringen